Ja. Ook als jullie relatie voorbij was, heb je een deel van je leven met die persoon gedeeld. Bij het overlijden kunnen veel gevoelens tegelijk opkomen: verdriet om wat er was, spijt over hoe het liep, boosheid die nooit is uitgesproken, of zorg om jullie kinderen die een ouder verliezen.
Lastig is dat je omgeving je verdriet vaak niet ziet. Je bent geen officiële nabestaande, je staat niet op de rouwkaart en soms is het onduidelijk of je welkom bent bij de uitvaart. Rouwonderzoeker Kenneth Doka noemt dit niet-erkende rouw: verdriet dat er wel is, maar weinig ruimte krijgt. Je mag rouwen, ook als niet iedereen dat begrijpt.
Lees verder: Als je ex overlijdt
Bron: Doka (1989), Disenfranchised Grief: Recognizing Hidden Sorrow
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Wat is rouw eigenlijk?
Rouw is alles wat er in je gebeurt als je iemand of iets kwijtraakt die belangrijk voor je was. Het is dus veel meer dan verdriet: ook je lichaam reageert, je slaapt en denkt anders en soms wankelt wat je altijd geloofde.
Rouw is geen ziekte en hoeft ook niet genezen te worden. Het is de manier waarop je went aan een leven waarin de ander ontbreekt, en dat gaat bij iedereen anders.
Lees verder: Hoe voelt rouw?
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Moet je door vaste fases heen als je rouwt?
Nee. De bekende vijf fases (ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie en aanvaarding) komen van Elisabeth Kübler-Ross. Zij beschreef ze in 1969 op basis van gesprekken met mensen die zelf gingen sterven, en pas later is het model op nabestaanden toegepast. Onderzoek heeft nooit laten zien dat rouw zo verloopt.
Gevoelens komen in willekeurige volgorde, lopen door elkaar en keren vaak meer dan eens terug. De Utrechtse rouwonderzoekers Margaret Stroebe en Henk Schut waarschuwen zelfs dat het fasemodel kwaad kan, omdat mensen gaan denken dat ze het verkeerd doen als hun rouw er anders uitziet.
Lees verder: Rouwen doe je niet in fasen
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Kom je ooit over een groot verlies heen?
‘Eroverheen komen’ past voor de meeste mensen niet bij hoe het voelt. Je gaat niet terug naar wie je was voor het verlies, en de ander blijft gemist. Wat wel gebeurt, is dat je leert leven met het verlies als deel van je geschiedenis. De pijn wordt minder scherp en er komt weer ruimte voor plezier, plannen en nieuwe mensen.
De band met de overledene blijft daarbij bestaan en verandert van vorm. Je praat misschien nog tegen hem of haar, draagt een sieraad, houdt een traditie in ere of merkt dat je dingen doet zoals de ander ze deed. Rouwonderzoekers noemen dat continuing bonds, voortdurende verbondenheid, en het hoort bij gezond rouwen. Veel mensen omschrijven het na jaren als een litteken: het blijft zichtbaar, maar het doet niet meer elke dag pijn.
Lees verder: Continuing bonds
Bron: Klass, Silverman & Nickman (1996), Continuing Bonds: New Understandings of Grief