Rouw & Basis
Rouw is geen vaardigheid die je kunt leren, het is een natuurlijk proces dat je overkomt. Toch beloven zelfhulpprogramma's vaak dat ze je de 'juiste' manier van rouwen kunnen aanleren. De werkelijkheid is genuanceerder: rouw hakt erin, komt in golven, en iedereen ervaart het anders.
Wat we kunnen doen is begrip kweken voor wat er gebeurt. Voor die onbekende gevoelens die je onzeker maken. Voor de vragen die opkomen: is dit normaal, hoort dit erbij, gaat dit ooit voorbij? Deze sectie biedt houvast door kennis te delen over rouwprocessen, wetenschappelijke inzichten en praktijkervaringen.
Artikelen Rouw, de basis
- 1
- 2
- 3
- 4
- Volgende »
Leren over rouw
Er is veel te leren vanuit veel verschillende ervaringen. Hier een aantal videos uit onze bibliotheek aan videos waardoor je meer kunt leren over rouw. Klik hier voor de complete bibliotheek »
Kunst kan de onzichtbare wonden van PTSS helen
Publicatiedatum: november 2015
Thema's: Depressie, Kunsttherapie, Oorlog, PTSS, creativiteit, kunst
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Wat is rouw?
Verdriet is een van de gevoelens die bij rouw horen. Rouw zelf is breder: daar vallen ook boosheid, angst, schuld of opluchting onder, en lichamelijke dingen als moeheid en slecht slapen.
Daarnaast gaat rouw over aanpassen: leren leven zonder de ander, met alle grote en kleine veranderingen die daarbij horen. Je kunt dus verdriet hebben zonder te rouwen, en je kunt midden in je rouw zitten op een moment dat je helemaal geen verdriet voelt.
Lees verder: Het ene verdriet is het andere niet
Lichamelijke klachten
Verlies zet je lichaam in een stressstand, en in die stand heeft eten weinig prioriteit. Veel mensen merken in de eerste weken dat ze geen trek hebben, dat eten anders smaakt of dat slikken moeilijk gaat. Anderen eten juist meer, vaak dingen die troost geven. Allebei komt veel voor.
Probeer in elk geval iets te blijven eten, ook zonder honger. Een paar happen is beter dan niets, en het mag best eenvoudig zijn. Val je in korte tijd veel af of houdt het langer dan een paar weken aan, ga dan langs je huisarts. Dat geldt ook als je merkt dat je eet tot je je ongemakkelijk vol voelt.
Lees verder: Eten na een verlies
Gevoelens en gedachten
Bijna iedereen die rouwt, loopt vroeg of laat tegen ‘had ik maar’ aan. Had ik maar eerder gebeld, had ik maar gezegd wat ik voelde. Je hoofd zoekt naar een moment waarop het anders had kunnen lopen, omdat dat makkelijker te verdragen is dan het idee dat je er niets aan kon doen.
Achteraf weet je dingen die je toen niet wist, en wat je toen deed, deed je met de kennis en de kracht die je op dat moment had. Soms gaat de schuld over iets wat echt is misgegaan, zoals een ruzie die niet meer is bijgelegd. Ook dan kun je leren jezelf te vergeven. Blijven de schuldgevoelens je maandenlang bezighouden, praat er dan over met een rouwbegeleider of psycholoog.
Lees verder: Overlevingsschuld: wanneer schuldgevoel het rouwproces kleurt
Hoe rouw verloopt
Omdat rouwen zo werkt. De Utrechtse onderzoekers Margaret Stroebe en Henk Schut beschreven het in hun duale procesmodel: je beweegt steeds heen en weer tussen het verlies en het gewone leven. Het ene moment ben je met je verdriet bezig, met herinneringen en gemis. Het volgende moment regel je de administratie, kook je of lach je om iets op tv.
Dat heen en weer gaan is gezond. Niemand kan de hele dag in zijn verdriet zitten, en de momenten waarop je even niet rouwt geven je de rust om het daarna weer aan te kunnen. Het kan per dag wisselen, of zelfs binnen een uur. Een goede dag betekent dus niet dat je de overledene vergeten bent, en een slechte dag na een paar goede weken betekent niet dat je terug bij af bent.
Lees verder: Het duale procesmodel
Omgaan met anderen
Dat is lastig, want vaak weet je het zelf ook niet precies. Toch helpt het om zo concreet mogelijk te zijn. Met ‘ik heb steun nodig’ weten anderen weinig te beginnen. Met ‘wil je zaterdag met me wandelen?’ of ‘ik vind het fijn als je gewoon luistert, zonder advies’ kunnen ze wel iets.
De meeste mensen willen graag helpen en zijn opgelucht als ze weten wat werkt. Je hoeft het niet aan iedereen uit te leggen: kies een paar mensen dicht bij je. Je mag ook zeggen wat je niet wilt, zoals goedbedoelde tips of onaangekondigd bezoek. En wat je nodig hebt, mag per week veranderen.
Lees verder: Ringen van steun
Rouw en werk
Dat hoeft niet allemaal door jou. Je kunt je leidinggevende vragen om het team in te lichten voordat je terugkomt, zodat je het niet steeds opnieuw hoeft te vertellen. Geef daarbij aan wat er gedeeld mag worden en wat niet. Je kunt ook zelf een korte mail sturen.
Het helpt collega’s als je zegt wat je prettig vindt. Bijvoorbeeld: ‘ik vind het fijn als jullie het even noemen, maar op het werk wil ik er liever niet uitgebreid over praten.’ Of juist: ‘vraag gerust hoe het gaat, ik vertel er graag over.’ Dan weten ze waar ze aan toe zijn, en dat scheelt een hoop ongemak aan beide kanten.
Lees verder: Rouw en werk
Kinderen en jongeren
Ja. Kinderen kunnen nog niet lang achter elkaar in heftig verdriet blijven. Ze huilen even en gaan dan weer spelen, en een uur later komt het verdriet ineens terug. Dat heet ook wel rouwplassen: kinderen springen in en uit hun verdriet, zoals ze in en uit een plas springen. Dat betekent niet dat ze minder verdrietig zijn.
Kinderen laten hun rouw ook vaker zien in gedrag dan in woorden. Ze worden druk, aanhankelijk of prikkelbaar, of krijgen buikpijn. Soms denken ze dat het hun schuld is, omdat ze boos waren of iets lelijks hebben gezegd. En hun rouw groeit mee: een kind dat op zijn zesde zijn moeder verliest, rouwt op zijn twaalfde en zestiende opnieuw, omdat het dan op een andere manier begrijpt wat het kwijt is.
Lees verder: Ik was boos op opa, daarom is hij doodgegaan
Verschillende soorten verlies
Omdat de vraag ‘had ik het kunnen voorkomen?’ bij zelfdoding zo dichtbij voelt. Nabestaanden gaan terug in hun herinnering en zoeken naar signalen die ze hebben gemist, of naar dat ene gesprek dat anders had moeten lopen. Schuld en zelfverwijt komen bij nabestaanden na zelfdoding vaker voor dan na een andere doodsoorzaak.
Achteraf lijkt alles een teken, terwijl het op het moment zelf niet te zien was. Zelfdoding heeft bijna altijd meerdere oorzaken, en soms deed de overledene veel moeite om te verbergen hoe slecht het ging. Schuldgevoel is begrijpelijk, maar het betekent niet dat je schuldig bent. Praat erover met mensen die het kunnen horen, met lotgenoten of met een professional. Ook nabestaanden kunnen terecht bij 113 (gratis 0800-0113).
Lees verder: Zelfvergeving bij bijzondere vormen van verlies
Bron: Sveen & Walby (2008), Suicide and Life-Threatening Behavior
Goed voor jezelf zorgen
Ja, zolang het niet het enige is wat je doet. Afleiding geeft je hoofd en lichaam rust van het verdriet, en die pauzes heb je nodig. Werken, wandelen, een serie kijken of met vrienden afspreken helpt om de dag door te komen en even jezelf te zijn.
De rouwonderzoekers Stroebe en Schut beschrijven gezond rouwen als heen en weer gaan tussen stilstaan bij het verlies en je aandacht richten op het gewone leven. Allebei is nodig. Lukt het alleen nog om af te leiden, omdat elke herinnering te pijnlijk is, dan kan het verdriet op termijn juist vastlopen. Maak dan af en toe bewust tijd voor het gemis, bijvoorbeeld bij een foto of tijdens een wandeling langs een plek die jullie samen kenden.
Lees verder: Het duale procesmodel
Herdenken en speciale dagen
Door vooraf te bedenken wat jij nodig hebt en dat met de mensen om je heen te bespreken. Wil je de tradities zoals ze waren, liever iets heel anders of een jaar overslaan? Alle drie kunnen goed zijn. Spreek af dat je eerder weg mag, zorg voor rustmomenten en verwacht niet te veel van jezelf.
Veel mensen vinden het fijn om de overledene een plek te geven: een kaars aansteken, samen een herinnering ophalen of zijn of haar lievelingsgerecht op tafel zetten. Anderen houden het liever klein. Vaak is de aanloop zwaarder dan de dag zelf. Ben je alleen, kijk dan of er in je buurt een initiatief is waar je kunt aanschuiven. En lukt het niet zoals je hoopte, dan mag het volgend jaar weer anders.
Hulp zoeken
Rouw die zo heftig blijft dat het leven vastloopt. Sinds 2022 staat de persisterende rouwstoornis als diagnose in het psychiatrisch handboek DSM-5-TR, en ook de ICD-11 van de Wereldgezondheidsorganisatie kent hem, als prolonged grief disorder. Kenmerkend is een intens verlangen naar de overledene of een voortdurende bezigheid met hem of haar, bijna elke dag. Daarbij komen klachten als ongeloof over de dood, het gevoel dat een deel van jezelf is gestorven, emotionele verdoving, het vermijden van herinneringen of het gevoel dat het leven geen zin meer heeft.
De DSM-5-TR spreekt bij volwassenen van een stoornis als dit minstens twaalf maanden na het overlijden nog speelt; de ICD-11 hanteert zes maanden. Ongeveer een op de tien nabestaanden ontwikkelt zo’n rouwstoornis. Er zijn behandelingen die aantoonbaar helpen, dus praat erover met je huisarts als je jezelf herkent.
Lees verder: Wat werkt bij gecompliceerde rouw
Bron: Prigerson & Maciejewski (2024), World Psychiatry; Lundorff e.a. (2017), Journal of Affective Disorders
Verlies zonder overlijden
Ja. Met een scheiding verlies je een partner, een gedeeld leven en de toekomst die je samen voor je zag. Daar komen vaak praktische verliezen bij, zoals je huis, dagelijks contact met je kinderen of een deel van je vriendenkring. Mensen na een scheiding kunnen dezelfde soort rouwreacties hebben als nabestaanden.
Wat het lastig maakt, is dat de ander er nog is. Je komt elkaar tegen, moet samen dingen regelen voor de kinderen of ziet hem of haar verdergaan met een nieuw leven. Ook als jij voor de scheiding koos, kun je rouwen, en dan lopen boosheid, opluchting en verdriet vaak door elkaar. Geef dat verdriet de ruimte, en zoek hulp als je merkt dat je er niet uitkomt.
Lees verder: Rouw na scheiding
Wanneer verlies niet over de dood gaat
Rouw associëren we met de dood, maar ook echtscheiding, baanverlies, ziekte of onvruchtbaarheid kunnen rouwreacties oproepen. Wetenschappelijk onderzoek laat zien dat deze reacties sterk lijken op rouw na overlijden, maar tegelijk om een andere benadering vragen.
Het is oké
als je voor altijd
een beetje
verdrietig blijft
Het is een
blijvende herinnering
aan wat er
allemaal was