Vaak wel. Bij een plotseling overlijden, door een ongeluk, een hartstilstand of geweld, is er geen tijd om je voor te bereiden of afscheid te nemen. Het eerste gevoel is vaak ongeloof, en het kan lang duren voordat het echt doordringt. Nabestaanden na een plotselinge of gewelddadige dood krijgen vaker langdurige rouwklachten, depressie of posttraumatische stress, en hun herstel gaat gemiddeld trager.
Toch verloopt het bij veel mensen ook dan goed, zeker met steun uit de omgeving. Blijven beelden van het overlijden zich opdringen, schrik je snel of ga je alles uit de weg wat eraan herinnert, zoek dan hulp bij je huisarts. Voor traumatische rouw bestaan goede behandelingen.
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Werkt rouwtherapie?
Ja, vooral voor mensen met heftige of langdurige rouwklachten. Een overzicht van 31 gerandomiseerde studies liet zien dat psychologische behandeling rouwklachten vermindert. Het effect was het grootst bij individuele therapie, bij mensen met veel klachten en als het verlies minstens een half jaar geleden was. Bekende vormen zijn cognitieve gedragstherapie gericht op rouw en complicated grief treatment.
Voor mensen met gewone rouw is therapie meestal niet nodig. Steun van de mensen om je heen en tijd doen dan het meeste werk. Merk je dat je vastloopt, dan is rouwtherapie zeker het proberen waard.
Lees verder: De drie pijlers van rouwtherapie
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Wanneer begint rouw?
Vaak al voor het overlijden. Als je weet dat iemand gaat sterven, bijvoorbeeld door een ongeneeslijke ziekte, kun je al rouwen om wat er verloren gaat. Dat heet anticiperende rouw. Bij dementie of een ander verlies dat stap voor stap gaat, begint de rouw soms jaren voordat iemand er echt niet meer is.
Na het overlijden begint het voor veel mensen met een periode van verdoving of ongeloof, waarin je vooral doet wat er gedaan moet worden. Als de uitvaart voorbij is en de drukte wegvalt, komt het verdriet vaak pas echt binnen. Bij sommigen gebeurt dat juist meteen.
VEELGESTELDE VRAGEN OVER ROUW
Moet je door vaste fases heen als je rouwt?
Nee. De bekende vijf fases (ontkenning, boosheid, onderhandelen, depressie en aanvaarding) komen van Elisabeth Kübler-Ross. Zij beschreef ze in 1969 op basis van gesprekken met mensen die zelf gingen sterven, en pas later is het model op nabestaanden toegepast. Onderzoek heeft nooit laten zien dat rouw zo verloopt.
Gevoelens komen in willekeurige volgorde, lopen door elkaar en keren vaak meer dan eens terug. De Utrechtse rouwonderzoekers Margaret Stroebe en Henk Schut waarschuwen zelfs dat het fasemodel kwaad kan, omdat mensen gaan denken dat ze het verkeerd doen als hun rouw er anders uitziet.
Lees verder: Rouwen doe je niet in fasen